Logboek

Mijn boeken 61 t/m 65 van 2020

 

Lotte Jensen (red.): Napoleons nalatenschap. Sporen in de Nederlandse samenleving (2020)

Gert Oostindie (red.): Het koloniale verleden van Rotterdam (2020)

Stefan Hertmans: De opgang (2020)

Pepijn Brandon e.a. (red.): De slavernij in Oost en West. Het Amsterdam onderzoek (2020)

Ton Meijers & Casper Staal (red.): De Utrechtse Catharinakerk (2020)

 

 

In de mist

 

     "Het tweede leermoment is dat je je weer eens ten volle realiseert hoeveel mooie muziek er is geschreven door componisten wier namen je niet of nauwelijks kent, of die alweer zijn verdwenen in de mist van het schimmenrijk", schrijft Erik Voermans in Het Parool naar aanleiding van Ksenia Kouzmenko's tweede cd met uitsluitend pianomuziek van Tsjechische componisten.

   Het maakt je des te bewuster van je rijkdom als je wèl oog en oor hebt voor al die 'verborgen' rijkdommen.

 

 

Mei wordt May

 

     Vanmiddag ging ik naar een concert in de NTR ZaterdagMatinee, gegeven door Het Orkest van de XVIIIe Eeuw en Cappella Amsterdam onder leiding van Daniel Reuss.

   Begonnen werd met de symfonie no.40 van W.A. Mozart (waarom werden vrijwel alle herhalingen niet gespeeld, om tijdsredenen wellicht?), gevolgd door het prachtige en ontroerende Nymphes des bois, wat Josquin Desprez componeerde als een "déploration sur la mort d'Ockeghem".

   Maar het ging allemaal om de wereldpremière van May, door Louis Andriessen opgedragen aan Frans Brüggen. Ik hoop dat de uitvoering nog een tijdje op internet toegankelijk blijft, want ik weet het allemaal nog niet en ik moet het minimaal nog een keer beluisteren. Je kunt het stuk in ieder geval geen Gorter-toonzetting noemen, eerder een stuk geïnspireerd door een aantal fragmenten uit een Engelse vertaling van Mei. In de live streaming was er nauwelijks iets van te verstaan en ondertiteling ontbrak. Wellicht dat (mede) daardoor een aantal muzikale dingen - bijvoorbeeld in hoeverre de muziek illustratief was, wat dan de organische samenhang was - me ontging. 

   Hoe dan ook voor Bas van Putten aanleiding tot een heel mooi artikel in De Groene Amsterdammer en voor Peter van der Lint tot een fraaie recensie in Trouw.

   Een beetje radeloos dus.

 

 

 

Strauss in München

 

     Vanavond ging ik weer naar een concert en wel in de Bayerische Staatsoper in München. Het Bayerische Staatsorchester speelde onder leiding van Ashley Fisch een Strauss-programma. Een paar concertante werken met eigen solisten en drie liederengroepen met Diana Damrau en Klaus Florian Vogt.

   Het was bizar. De immense zaal van de Bayerische Staatsoper was helemaal leeg, en stil. Trip, trip, trip, dat moest Diana Damrau zijn. Wanneer de solisten op- en afgingen, had de camera slechts oog voor de zaal, of een deel daarvan. Dat benadrukte nog eens hoe stil het was, en hoe leeg. Ja, daar stond zij. En zong voor die zaal, alsof ze zich tot iedereen persoonlijk richtte, het is steeds weer opmerkelijk hoe alle woorden bij haar leven, en hoe zij de zaal van haar intimiteit vervult.

   Aan het slot stond het orkest op, de dirigent keerde zich naar de afwezigneid van publiek, zij bogen niet. Het was een beklemmende stilte.

 

 

Corona 21

 

     Na de première van We'll never let you down heb ik nu elke IJburgse morgen een afhaal-grote-cappuccino bij de Bagels geprogrammeerd.

 

 

De Cello Biënnale

 

    Noodgedwongen verliep de Amsterdamse Cello Biënnale dit jaar volledig via live streaming en zonder publiek. Ik speelde twee keer: de Eerste Cellosonate van Matthijs Vermeulen in een concert opgedragen aan de nagedachtenis van Anner Bijlsma en de officiële wereldpremière van We'll never let you down, muziek van René Samson, Mathilde Wantenaar en Max Knigge.

   Ik bezocht ook twee concerten: op maandag 26 oktober de voorstelling Sehnsucht van Katharina Gross en op donderdag 29 november de Martijn Padding Show.

(wordt vervolgd)

 

 

Mijn boeken 56 t/m 60 van 2020

 

Arthur van Schendel: Jeugdherinneringen. Een document (ed.1989)

Arthur van Schendel: De Waterman (1933)

Arthur van Schendel: Voorbijgaande schaduwen (post., 1948)

Olga Tokarczuk: Der liebevolle Erzähler (= Czuly narrator, 2019) & Wie Übersetzer die Welt retten (= Powiem wam, kto uratuje swiat, 2019)

Olga Tokarczuk: Der Schrank (= Szafa +, 1998, ed.2020)

 

 

Bernard van Dieren revisited of revisited by Bernard van Dieren?

 

     Sinds een jaar spookt met enige regelmaat Bernard van Dieren door mijn hoofd. 'Spoken' is wel een toepasselijk woord, want toen, enige tijd na zijn dood, in Londen een strijkkwartet een compositie van hem uitvoerde, zagen concertbezoekers zijn schim achter de musici over het podium waren.

   Vorig jaar november werd ik weer met hem geconfronteerd toen ik me een tijd met de fascinerende pianiste Harriet Cohen bezig hield: zij was met hem bevriend en bewonderde hem hogelijk.

   En nu verkeer ik, via de dagelijkse repetities op We'll never let you down, voortdurend in Engelse sferen - te meer daar Mattijs ook liederen van zowel Peter Warlock als Bernard van Dieren blijkt te kennen.

 

                                                                                       Bernard van Dieren door Jacob Epstein

     In ieder geval een goede impuls om nu eindelijk eens essayistisch werk van Van Dieren (zijn boek over Jacob Epstein en natuurlijk Down among the dead men) te gaan lezen. En ook een paar teksten over hem. En inmiddels kriebelen mijn vingers om weer liederen van hem te gaan spelen.

 

 

Mijn boeken 51 t/m 55 van 2020

 

Yasmine Char: Le palais des autres jours (2012)

Hannah Arendt: Menschen in finsteren Zeiten (ed. 1989 (1955-1975) )

Arthur van Schendel: Een zwerver verliefd (1904)

Arthur van Schendel: Een zwerver verdwaald (1907)

Arthur van Schendel: Een Hollands drama (1935)

 

 

Juliette Gréco 1927-2020

 

 

 

la muse du Saint-Germain-des-Prés de l'après-guerre

sa voix, son élégance, sa force, ses mains

Queneau: Gréco rose noire des préaux. De l'école des enfants pas sages

Montana: Sartre et Beauvoir, Rhumerie martiniquaise: Camus, Pont-Royal: Maurice Merleau-Ponty

Miles Davis & Boris Vian

Pierre Mac Orlan, Aragon, Desnos, Eluard, Léo Ferré, Jacques Brel

Brecht

Daphénéo

Orphée (1949, Cocteau), Elena et les hommes (1955, Jean Renoir) / Belphégor, vanaf 1965